MENU

“Als je je hoofd voortdurend vult met de gedachten van anderen, vind je geen innerlijke rust.”

 

Offluencer Floris van der Pol  (34) is vader, filosoof, filmmaker en actief op het gebied van leesbevordering bij basisschoolkinderen. In zijn documentaire 7 years without a smartphone en onder de naam Offluencer onderzoekt hij onze collectieve internetverslaving en stelt hij de vraag: wat gebeurt er als je de smartphone loslaat?

Hoe lang leef jij al zonder smartphone?

Acht jaar geleden heb ik mijn telefoon letterlijk in het vuur gegooid. Daarvoor was ik al bezig met mijn relatie tot mijn telefoon, dus helemaal onverwacht kwam het niet. Tegelijkertijd stond het ook niet op de planning. Het gebeurde gewoon, tijdens een avond met vrienden rond een kampvuur. Ik had wat gedronken, wilde indruk maken op een meisje en dacht: waarom niet? Ik zou het mooier kunnen maken door te zeggen dat het een daad van liefde of verzet was, maar nee. Het was impulsief. En blijkbaar was dat precies wat nodig was.

Wat hebben die jaren zonder telefoon je gebracht?

Vooral veel meer tijd en ruimte. Ik lees ontzettend veel – twee boeken per week. Dat zou niet lukken als ik ook nog een smartphone had. Het ging me er niet om definitief afscheid te nemen van het internet, maar om het internet te binden aan een vaste plek. Thuis, achter mijn computer. Zodra ik de deur uitging, was ik offline. Daardoor werd ik gedwongen om andere dingen te doen. Vanaf dat moment droeg ik altijd een boek bij me. Wachten op de metro of in de tram zitten werd geen loze tijd meer, maar waardevolle tijd.  Daarnaast ontstonden er ook veel onbewuste momenten van nietsdoen. En juist in die leegte ontstaat creativiteit en vrijheid. Als je je hoofd voortdurend vult met de gedachten van anderen, vind je geen innerlijke rust. Mijn relaties zijn verdiept. Tegelijkertijd is het moeilijker geworden om een eerste stap naar contact te zetten. Het is nu eenmaal makkelijker om iemand een WhatsApp-bericht te sturen dan om te bellen. Mijn sociale leven is smaller geworden, maar ook dieper.

Er is ook een filter ontstaan. Ik ben moeilijker te bereiken, maar mensen die me er écht bij willen hebben, doen alsnog moeite. Wie dat minder belangrijk vindt, nodigt me niet uit. Daardoor hoor ik minder ruis en komen vooral de dingen die echt belangrijk zijn op mijn pad. Ik denk dat FOMO vooral ontstaat wanneer je veel online bent. Dan zie je alles wat er gebeurt, en wat je mist. Als je offline bent, weet je simpelweg niet wat je mist.

Leggen mensen tegenwoordig bewust hun telefoon weg als ze met je aan tafel zitten?

De meeste mensen wel. Maar ik merk dat het bij veel mensen zo ingesleten zit dat ze hun telefoon automatisch op tafel leggen of er meerdere keren tijdens een gesprek op kijken. Dat maakt het lastig, omdat ik dan het gevoel krijg dat iemand maar half aanwezig is. Bij een boek weet je wat iemand doet. Bij een telefoon niet. Dat schept ruimte voor interpretatie en soms voor misverstanden. Ik heb eens meegemaakt dat een vrouw aan het praten was, terwijl een jongen zijn telefoon pakte. Zij keek mij meerdere keren verontwaardigd aan, maar ik zag dat hij aantekeningen maakte over wat zij vertelde. Zij werd echter steeds onzekerder. Daarom denk ik dat het goed is om altijd even te benoemen wat je doet als je je telefoon erbij pakt.

Wat ervaar je anders nu je zonder smartphone leeft?

Dat is moeilijk te zeggen, omdat ik al zo lang zonder leef. Drie of vier jaar geleden heb ik het nog eens geprobeerd. Ik ben filmmaker en dacht dat het handig zou zijn om meer beeldmateriaal vast te leggen met een smartphone. Na een week werd ik gek. Het eerste wat ik merkte was dat ik ’s avonds op de bank via mijn privé-WhatsApp met collega’s over werk aan het appen was. Dingen die prima de volgende dag besproken hadden kunnen worden. Zonder smartphone blijven werk en privé voor mij gescheiden. Met smartphone liep dat direct door elkaar. En juist die scheiding vind ik waardevol.

Wat mis je zonder smartphone?

Wat ik echt mis, zijn praktische dingen zoals QR-codes en verificatiesystemen. Voor mijn werk heb ik inmiddels een smartphone gekregen die vastzit aan mijn werklaptop en alleen wordt gebruikt om in te loggen. Dat levert me ongeveer één minuut schermtijd per week op. Ergens is het krankzinnig dat ze een duur apparaat moeten aanschaffen met alle grondstoffen en mineralen die daarvoor nodig zijn, alleen om ergens in te kunnen loggen. Toch maak je een afweging: wat weegt zwaarder? Dat minimale gebruik, of de impact die ik kan maken op werk door kinderen weer te laten ervaren hoe leuk lezen is?

Hoe zie jij de toekomst?

Ik geloof dat er een groeiende groep mensen is die inziet dat er iets moet veranderen. Kijk bijvoorbeeld naar een initiatief als Smartphonevrij Opgroeien, die het gebruik van smartphones bij kinderen zo lang mogelijk willen uitstellen. Behalve QR-codes heb ik eigenlijk nooit problemen ervaren zonder smartphone. Zelfs bij de sportschool weten ze dat ik er geen heb – bij binnenkomst ligt er een pasje met mijn foto klaar. Soms levert het frictie op, maar dat creëert ook bewustwording. Ik vind het niet erg om het gesprek aan te gaan. Misschien geef ik anderen daarmee ook ruimte om hun eigen relatie met hun telefoon te onderzoeken. Ik ben gevoeliger dan gemiddeld en daardoor misschien een voorloper. Maar ik denk dat steeds meer mensen de urgentie voelen. De heftigheid van social media is toegenomen en de balans tussen wat het kost en wat het oplevert is schever geworden.

Wat wil je mensen meegeven?

Dat ze beseffen dat ze een relatie hebben met het internet. Het geeft ons veel – verbinding, informatie, en inspiratie, maar het vraagt ook iets terug. De keuzes die je maakt zijn nooit alleen individueel. Er zijn verschillende domeinen waarop je iets kunt doen: het persoonlijke, het sociale en het politieke. Thuis hebben wij bijvoorbeeld een bordje hangen waarop staat dat de slaapkamer een schermvrije zone is. Dat gaat niet alleen over mij, maar ook over mijn relatie met mijn vriendin en hoe we met elkaar omgaan. Sociaal gezien werkt het ook zo: ik kan mijn kind wel verbieden een smartphone te gebruiken en naar de speeltuin sturen, maar als daar geen andere kinderen zijn omdat die thuis op hun scherm zitten, dan schiet het weinig op. Ik wil in een wereld leven waarin kinderen samen spelen. En dan is er nog het politieke domein: hoe gaan we om met de macht van big tech, ook op Europees niveau? Alle drie de domeinen zijn nodig als we echte verandering willen.

Heb je tips voor mensen?

Vraag jezelf af op welk domein jij verschil wilt maken: persoonlijk, sociaal of politiek. Je voornemen minder op Instagram te zitten werkt vaak maar tijdelijk. Kijk liever naar je omgeving. Waar leg je je telefoon neer? Welke afspraken maak je met elkaar, bijvoorbeeld tijdens het eten? Ik geloof sterk in sociale afspraken. Normen disciplineren ons ook. Als niemand in huis op zijn telefoon zit, wordt het automatisch makkelijker om dat zelf ook niet te doen.
Februari 2026 / Anneloes van Vliet
Foto’s Floris van der Pol
CLOSE